Innovatie & Strategie

Infrastructuur
Paul Stomph

IoT blaast nieuw leven in oud kantoor

Sensoren helpen essentiële klimaataspecten in kaart te brengen.

Paul Stomph: "Met zestig sensoren krijg je aleen heel aardig inzicht in de verbetermogelijkheden van het werkklimaat" © De Beeldredactie,  Marco de Swart
21 december 2016

Sensoren helpen essentiële klimaataspecten in kaart te brengen.

Bedrijven halen vaak hun neus op voor oude kantoorpanden. Om het risico van hoog energieverbruik en slecht werkklimaat te vermijden, valt de keuze al snel op nieuwbouw. Het gevolg is leegstand van de oude kantoren. Drie net-afgestudeerde ondernemers bieden middels het Internet of Things een oplossing om het werkklimaat overal te optimaliseren.

Door het microklimaat op de werkplekken via het Internet of Things in kaart te brengen, kan er veel gedaan worden aan het verduurzamen van gebouwen, bedachten Rino Stevens en Paul Stomph na hun studie Architectuurmanagement aan de Hogeschool Utrecht. Samen met IT'er Felix Mann – ook net afgestudeerd van dezelfde hogeschool – zetten ze in 2012 Qwiksense op om hun doel te verwezenlijken.

Qwiksense heeft de ervaringen uit die onderzoeken gebruikt om een algoritme op te stellen dat kan aangeven hoeveel mensen zich prettig voelen in hun werkomgeving bij een bepaalde combinatie van omgevingsfactoren. Stomph: "Een gebouw is dynamisch. Je hebt de invloeden van de seizoenen en de in- en uitschakelmomenten van gebouwapparatuur zoals ventilatie, verwarming en koeling. Bovendien varieert het aantal mensen dat zich gedurende de dag in een ruimte bevindt. Met 60 sensoren kun je al een heel aardig vlekkenplan opstellen hoeveel mensen gedurende de werkdag het werkklimaat al dan niet als prettig hebben ervaren. Vervolgens kun je kijken wat de oorzaken zijn van een slechte rating."

Laagdrempelige methode

Over luchtsamenstelling en temperatuur in kantoorgebouwen is best veel bekend. Maar de data komen doorgaans van gebouwapparatuur, die vaak vlak bij de ventilatieroosters meten. Wanneer die waarden volgens de installateur in orde zijn, zegt dat nog niks over het klimaat op de werkplek. Voor de gebouwadvieswereld bestaat ook losstaande, zeer nauwkeurige meetapparatuur die wel waarden tot drie cijfers achter de komma geeft. Het probleem is dat die apparatuur peperduur is en dus vaak maar één dag wordt ingezet om metingen te verrichten. "Je krijgt dan een momentopname", zegt Theodoor Höngens. Höngens is directielid van raadgevend ingenieursbureau M+P, dat nauw samenwerkt met Qwiksense en ook een belang in het bedrijf heeft genomen. "Ik ben ervan overtuigd dat je meer hebt aan langdurige metingen met minder nauwkeurigheid. Je kan daarmee veel beter trends ontdekken. Qwiksense heeft een methode ontwikkeld om dat laagdrempelig en tegen relatief lage kosten te doen."

Riant rendement

Voor het verzamelen van de data ontwikkelde Qwiksense sensoren die temperatuur, luchtvochtigheid en CO2 meten. Per vijf werkplekken komt er zo'n sensor. Een optie is ook de aanwezigheid van het aantal mensen in een ruimte bij de metingen te betrekken met een sensor op elk bureau. Qwiksense rekent voor alleen de klimaatmeting 7,50 euro per werkplek per maand. Het complete pakket dus inclusief aanwezigheidsmelding kost 12,50 euro per maand. Er zijn ook speciale units om vergaderruimten te analyseren. 

Om de altijd lastige kwestie van het justificeren van een businesscase aan te pakken, ontwikkelde Qwiksense samen met M+P de Potential Productivity Index (PPI). De PPI is geen hard cijfer maar het geeft wel een indicatie wat er beter kan en hoe veel organisaties in potentie kunnen besparen. Daaruit blijkt, rekent Stomph voor, dat de investering snel is terugverdiend. "Wanneer blijkt dat de PPI met 10 procent omhoog kan door optimalisatie van het werkklimaat op een werkplek, kan het rendement oplopen tot 300 procent, uitgaande van de gemiddelde kosten van 80.000 euro per werknemer per jaar."

Qwiksense probeert de ICR en PPI als de facto standaarden neer te zetten, onder meer door samen te werken met de Dutch Green Building Council. Deze onafhankelijke organisatie streeft naar het gezamenlijk oplossen van duurzaamheidsvraagstukken in de bouw.

Qwiksense heeft al een paar in het oog springende klanten aan zich weten te binden. Zo heeft de Rabobank in Nieuwegein een half jaar geleden alle werkplekken laten voorzien van sensoren. De gemeente Utrecht gebruikt de meetpunten nu op twee etages van het stadskantoor. Verder is Qwiksense in gesprek met een grote energieleverancier. 

De inzet van de door hen ontwikkelde Indoor Climate Rating (ICR) op basis van IoT-sensoren, levert organisaties op verschillende vlakken geld op, legt Stomph uit. "In vrijwel geen kantoorpand is het personeel tevreden over de temperatuur om te werken. Vaak is het in de winter te warm en in de zomer te koud. Daarmee verliezen bedrijven twee keer geld: enerzijds aan energie door te veel te verwarmen of te koelen en anderzijds door verlies aan productiviteit van de werknemers die niet optimaal presteren in een ongunstig werkklimaat."

Meer factoren hebben invloed op het werkklimaat. Te hoge CO2-waarden kunnen leiden tot wel 10 procent productiviteitsverlies, blijkt uit wetenschappelijk onderzoek. Ook zijn er onderzoeken gedaan naar hoe mensen zich voelen in een bepaalde temperatuur- en luchtvochtigheidsrange. Maar de koppeling tussen die verschillende omgevingsfactoren is niet gemaakt.

IoT deel 4

Dit is het vierde artikel in een reeks over het Internet of Things. Verschillende organisaties vertellen in deze serie hoe IoT nieuwe bedrijfsmodellen mogelijk maakt.

Eerder verschenen:

Rotterdam wordt met IoT intelligente haven
IoT: Niets nieuws onder de zon
'Verkeersdoorstroming beter met IoT'
Lees meer over
Zie ook Innovatie & Strategie op AG Connect Intelligence

Reactie toevoegen