Beheer

Storage
Datarecovery

Kunt u mijn data nog terugvinden?

Recovery wordt door miniaturisatie van opslag steeds lastiger. Maar onmogelijk is het niet.

11 maart 2016

Recovery wordt door miniaturisatie van opslag steeds lastiger. Maar onmogelijk is het niet.

Producenten van opslagapparatuur bedenken steeds nieuwe trucs om data op een zo klein mogelijk oppervlak samen te persen. Dat betekent extra werk voor recoverybedrijven wanneer een opslagsysteem niet meer kan worden uitgelezen. Met hun specialistische kennis weten ze gegevens vaak terug te halen, al kost het wel moeite.

Wat gebeurt er wanneer een opslagsysteem defect raakt en niet meer uitgelezen kan worden? Of dat nu een groot Raid-systeem met meer dan 100 disks is, een solid state disk (SSD) of een geheugenchipje uit een camera, men zal in eerste instantie zelf proberen er iets aan te doen. Een volgende stap is de wederverkoper. Lost dat niets op dan zal men de leverancier van het opslagmedium om raad vragen. Vaak zal die leverancier nogmaals proberen de data weer van het defecte apparaat af te halen.

Pas al ook dat niet lukt, komen de gespecialiseerde recoverybedrijven in beeld, met hun zelf ontwikkelde methoden om een defect opslagmedium zo te behandelen dat de data er weer afgehaald kunnen worden. “Dat kan een langdurig proces zijn, dat ook nog eens erg duur kan uitvallen. We zullen het apparaat helemaal moeten doorgronden. De eerste keer is dat volledig handwerk”, zegt Kees Jan Meerman, directeur van Stellar Data Recovery uit Utrecht. Het is niet zo dat al die kosten worden afgewenteld op degene die als eerste met een exotisch opslagmedium aan komt. Meerman: “We brengen een normale prijs in ­rekening, de meerkosten worden gezien als R&D, die we bij volgende recovery’s van hetzelfde type weer kunnen terugverdienen doordat we veel minder lang bezig zijn”, stelt Meerman.

 

Uiteenrafelen

“Ondertussen zijn we een kei geworden in het uiteenrafelen van systemen, of ze nu groot of juist klein zijn. Elk systeem heeft een ­gelaagde opzet, waarbij sommige dingen standaard zijn en in andere lagen juist weer niet. Neem bijvoorbeeld een Raid-systeem, dat bestaat uit een aantal lagen vanaf documenten in applicaties tot de ­verzameling disks waar alles is opgeslagen. Van al die lagen is alleen het SAN bedrijfseigen ofwel proprietary. De rest voldoet aan de standaarden. We kunnen daardoor uitzoeken hoe dat SAN omspringt met de data, dus welke gegevens waar terecht komen”, zegt Jaap Jan Visser, directeur van Kroll Ontrack uit Amsterdam.

Via dat identificatieproces, dat een behoorlijke tijd in beslag kan nemen, wordt duidelijk hoe het SAN de onderlinge verbindingen legt binnen het systeem. Visser: “Het is handwerk gecombineerd met bepaalde tools en ja, dat kost tijd en geld. Maar het levert wel de verdwenen data op en daar gaat het om. Een gevolg is wel dat de balans tussen de waarde van de data en de kosten voor het terughalen soms zoek is. Je kunt voor een paar duizend euro gegevens laten terughalen, maar als het ­alleen om een paar vakantiefoto’s gaat is het goedkoper die ­vakantie nog een keer te doen en opnieuw foto’s te maken”, zegt Visser.

 

Experimenten

De recoverybedrijven voeren veel experimenten uit om te kijken op welke manier datadragers defect kunnen raken en op welke wijze ze de data er het beste weer van af kunnen halen na het optreden van het ­defect. Meerman: “Daarbij bedenken we ook eigen technieken, bijvoorbeeld het met een schuurpapiertje weghalen van de plastic behuizing van een SD-geheugenkaartje. De sporen komen dan vrij te liggen en dat stelt ons in staat er draadjes aan vast te solderen. Die draadjes koppelen we met een leesapparaat, zodat we de data op het kaartje kunnen lezen. Die techniek verspreiden we meteen onder de mensen van al onze ­vestigingen over de wereld.”

Ook bij Kroll Ontrack is het uitwisselen van deze informatie aan de ­orde van de dag. Directeur Jaap Jan Visser: “We werken met grote teams en als het ene team iets vindt, wordt dat doorgegeven aan de andere ­collega’s. Periodiek reizen we ook de wereld rond om onze collega’s van de laatste stand van zaken op de hoogte te brengen en technieken te demonstreren.”

Bij het testen wordt de opslagapparatuur niet tot in het absurde belast. “Dat zou betekenen dat we wetenschappelijk onderzoek aan het doen zijn. Dat doen we niet, we doen commercieel onderzoek. Het heeft voor ons geen zin een geheugenkaartje onder te dompelen in vloeibare ­stikstof. Ten eerste weet je zeker dat het de geest geeft. Ten tweede komt zo’n plotselinge koudestoot in het dagelijks leven nooit voor”, zegt ­Visser.

 

Heliumvulling

Er moet ook worden geëxperimenteerd wanneer de producenten van de opslagsystemen hun design radicaal veranderen. “Dat was bijvoorbeeld het geval bij de harde schijven waarvan de kast is gevuld met helium. Dat edelgas maakt het mogelijk dat de lees-schrijfkoppen op een kleinere afstand van het oppervlak van de disk kunnen zweven. Een kortere afstand betekent dat kleinere gebiedjes kunnen worden gelezen en dat er dus meer bits op het oppervlak passen”, zegt Robbert Brans, directeur van Attingo Data Recovery uit Nieuw-Vennep.

Na het openen van de schijf in de cleanroom en het vervangen van de defecte onderdelen pompt Attingo weer helium in de behuizing. Hierna kunnen de verloren gegevens worden uitgelezen. De R&D-afdeling van Attingo Data Recovery heeft zich al vóór de marktintroductie vertrouwd gemaakt met de innovatieve heliumtechnologie. “Zo konden wij al vlak na het beschikbaar komen van die disks met succes gegevens herstellen”, zegt Brans.

Om zo’n met helium gevulde disk goed te kunnen behandelen is speciale apparatuur nodig. Het heeft niet veel zin een dergelijke disk in de omgevingslucht te laten draaien. Brans: “Vandaar dat we sinds begin 2014 naast precisie-instrumenten, microscopen en uiterst gevoelige analyseapparatuur in onze cleanrooms nu ook gasflessen met helium hebben staan.”

Kroll Ontrack heeft methoden bedacht om de met helium gevulde disks de vernieling in te draaien. Visser: “Zo weten we precies wat er ­kapot gaat en hoe we dat kunnen repareren om de disks weer leesbaar te ­maken.”

Volledig nieuw

Producenten van geheugens zijn in hun labs al lang bezig met de ontwikkeling van nieuwe types opslag. “Daar moeten wij als recoverybedrijven op voorbereid zijn. Denk aan glas als basismateriaal voor ­geheugens. Hitachi heeft daar al vorderingen mee gemaakt, evenals een team van de universiteit van Southampton”, zegt Meerman.

Een ander geheugentype maakt gebruik van holografie. Meerman: “Hier is sprake van een volledig optisch geheugen, zeg maar een multidimensionale variant van de DVD. Deze variant is door een recent faillissement van de ontwikkelaar van de HVD, de Holographic Versatile Disk, wat op de achtergrond geraakt. Verder wordt er in de VS geëxperimenteerd met een eiwitlaag voor het opslaan van digitale informatie. Dichterbij is de opslag op ferromagnetische nanodraadjes, waarmee zeer hoge dichtheden gehaald kunnen worden.”

Dergelijke nieuwe geheugentypes zullen niet morgen in de winkels liggen, Meerman houdt rekening met een termijn van een paar jaar. “Als over een jaar of drie de eerste nieuwe geheugens op de markt zijn en ze gaan stuk, dan zal er een partij moeten zijn die ze kan recoveren”, meent Meerman.

 

De kristallen bol

Intel is bezig met de ontwikkeling van een speciaal geheugentype, dat binnenkort onder de naam 3D Xpoint op de markt zal komen. Dit geheugen bestaat uit horizontale en verticale ribbeltjes die elkaar kruisen onder een hoek van 90 graden. Op ieder kruispunt is plaats voor één bit. Die bit wordt aangebracht door het materiaal ter plekke in een andere stand te zetten, niet door het aanbrengen van een lading. Daardoor is dit type geheugen zowel zeer compact als duizenden malen sneller dan traditionele geheugenchips.

Wat verwacht Intel van de verwachte levensduur van de geheugens? Een woordvoerder laat weten: “Het nieuwe geheugen heeft geen schakelingen aan boord en zal dus ongevoelig zijn voor allerlei straling. ­Verder voldoen onze SSD’s aan de zogeheten Jedec-standaarden voor ­robuustheid van halfgeleidergeheugens.” De Jedec is de vroegere Joint Electron Device Engineering Council, die tegenwoordig actief is onder de naam JEDEC Solid State Technology Association. “Over de exacte levensduur van de geheugens valt nog niet veel te zeggen, we gaan ervan uit dat ze het net zo lang volhouden als de SSD’s die we nu leveren”, ­aldus de woordvoerder van Intel. De huidige SSD’s hebben een mean time between failures (MTBF) van 1,2 miljoen uur.

Verhoudingen met de ­leveranciers

“Meer letten op kwaliteit, dat is het motto, en ik merk dat de leveranciers daar nu ook meer aandacht voor hebben. Ze gebruiken minder trucs om de interne werking van hun geheugens te verdoezelen, zoals geheime codeerschema’s. Dat maakte ons werk alleen maar moeilijker, maar er komt dus verbetering in”, zegt Robbert Brans, algemeen directeur van Attingo Data Recovery.

“Wat me opvalt”, zegt Jaap Jan Visser, directeur van Kroll Ontrack, “is dat de makers van de opslagsystemen vrijwel nooit meteen mensen doorsturen naar een gespecialiseerd bedrijf. Ze gaan eerst zelf zitten stoeien met de apparatuur, vaak al nadat de klant zelf een ­poging heeft gewaagd. Als het dan nog niet lukt, dan willen ze wel een recoverybedrijf inschakelen en dan mogen wij kijken wat we kunnen doen. Vaak met de extra ballast van de mislukte reddings­pogingen erbij.”

“Fabrikanten zijn goed in het maken van geheugens, ze zijn niet ­beter in recovery dan wij”, zegt Kees Jan Meerman, directeur van Stellar Data ­Recovery. “De producenten zijn goed in het wegzetten van data en niet in het terughalen. Overigens niets ten nadele van de fabrikanten, hoor.”

Lees meer over
Zie ook Beheer op AG Connect Intelligence
Reactie toevoegen