Innovatie & Strategie

Infrastructuur
Glasvezel

Aanleg glasvezel stagneert

De roep om overheidsingrijpen klinkt steeds luider

6 juli 2017

Onlangs berichtte de NOS dat de aanleg van glasvezel in Nederland stagneert. ‘Op het hoogtepunt in 2013 werden in zes maanden tijd nog bijna 300.000 huizen van glasvezel voorzien. Het afgelopen half jaar waren dat er minder dan 50.000.’

Dit staat in schril contrast met de groei van het dataverbruik en de ambitie van Europa dat tegen 2020 ten minste 50 procent van de Europese huishoudens beschikt over een internetverbinding van meer dan 100 Mbps.

De roep om overheidsingrijpen klinkt steeds luider, maar tot nu toe stelt de Nederlandse overheid zich terughoudend op. Dit heeft waarschijnlijk mede te maken met het ‘Appingedam-trauma’: de gemeente Appingedam wilde breedband aanleggen, maar werd teruggefloten door de Europese Commissie. Een van de argumenten van de Commissie om het overheidshandelen van Appingedam als ongeoorloofde staatssteun te beoordelen, was dat KPN en Essent reeds op de retailmarkt aanwezig waren. Sinds ‘Appingedam’ is er echter veel veranderd. Met name de richtsnoeren van de Commissie hebben meer duidelijkheid gebracht over de mogelijkheden die overheden hebben om de uitrol van breedbandnetwerken te bevorderen en aan welke voorwaarden daarbij moet worden voldaan.

Subsidies

In de praktijk zien we een aantal financieringsmodellen, waarmee overheden breedband stimuleren. In de meeste gevallen kent de overheid rechtstreeks geldelijke subsidies toe aan marktpartijen om een breedbandnetwerk op te zetten, te beheren en commercieel te exploiteren. Ook steun in natura is mogelijk, waarbij de overheid bijvoorbeeld passieve breedbandinfrastructuur aanbiedt aan marktpartijen door het uitvoeren van civieltechnische werken (zoals het open graven van een straat) of door het plaatsen van buizen of dark fiber. In sommige gevallen exploiteert de overheid zelf een breedbandnetwerk en verleent zij marktpartijen wholesale-toegang tot dit netwerk, of een concessie voor de exploitatie van het netwerk.

Voordelen overheidshandelen moeten zwaarder wegen

Om niet te worden aangemerkt als ongeoorloofde staatssteun, dienen de voordelen van het overheidshandelen zwaarder te wegen dan de negatieve effecten voor de mededinging. Deze afweging wordt gemaakt door de EU-Commissie.

De voordelen van het overheidsoptreden worden vaak uitgedrukt in de mate waarin het kan zorgen voor een ‘sprongsgewijze verandering’ van de breedbandsituatie. Een ‘sprongsgewijze verandering’ kan bijvoorbeeld worden aangetoond wanneer een marktpartij als gevolg van het overheidsoptreden overgaat tot belangrijke nieuwe investeringen in het breedbandnetwerk, of wanneer de gesubsidieerde infrastructuur een aanzienlijk hogere beschikbaarheid van breedbanddiensten en meer capaciteit, snelheid en concurrentievermogen tot gevolg heeft.

Selectieprocedure

Om de negatieve effecten op de mededinging zo beperkt mogelijk te houden, dient de selectie van een marktpartij via een transparante en niet-discriminerende selectieprocedure te verlopen. Meestal is dit een procedure conform het Europese aanbestedingsrecht. De uitvraag is technologie-neutraal en er wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van bestaande infrastructuur. Ten slotte draagt de overheid er zorg voor dat (actieve en passieve) wholesale-toegang voor andere partijen is gewaarborgd, bij voorkeur met een tariefstelling inzake deze toegang.

Recente besluiten van de Commissie tonen dat het goed mogelijk is om een project zodanig vorm te geven dat de effecten van het overheidshandelen per saldo positief zijn en de goedkeuring van de Commissie krijgen.

Een project moet voor aanvang bij de Commissie worden gemeld

Om de Commissie in de gelegenheid te stellen een project te beoordelen, moet het voor aanvang bij de Commissie worden gemeld. Hiervoor is echter vrijstelling mogelijk. Bijvoorbeeld wanneer een project plaatsvindt in een gebied waar geen breedbandinfrastructuur aanwezig is en in de nabije toekomst waarschijnlijk ook niet zal worden ontwikkeld.

De overheid kan dus beginnen met het realiseren van haar glasvezelambities. Het is wel zaak dat zij het gewenste financieringsmodel en de aanbestedingsprocedure vormgeeft binnen de juridische kaders, maar het moge inmiddels duidelijk zijn dat dat zeker haalbaar is.

Bronnen

Het rechtsgebied waar we hier met name mee te maken hebben, is het (Europese) mededingingsrecht en in het bijzonder de regeling betreffende staatssteun. De basis daarvan wordt gevormd door de artikelen 107 t/m 109 van het Werkingsverdrag. Voluit: Verdrag  betreffende de werking van de Europese  Unie: http://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:12012E/TXT&from=NL

Omdat deze artikelen een hoog abstractieniveau hebben, is het zeer behulpzaam om de richtsnoeren van de Commissie over uitrol van breedbandnetwerken te lezen. Voluit: EU-richtsnoeren voor de toepassing van de staatssteunregels in het kader van de snelle uitrol van breedbandnetwerken (2013/C 25/01): http://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52013XC0126(01)&from=NL

Meer informatie over de vrijstelling van de aanmeldverplichting is te vinden in de Algemene groepsvrijstellingsverordening. Voluit: Verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014: http://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52013XC0126(01)&from=NL

Beslissingen van de Europese Commissie staan op EUR-Lex: http://eur-lex.europa.eu

Reactie toevoegen