Management

Privacy
Privacy

Privacyverordening is kiezen

Nederland moet keuzes maken bij de invoering van Europese privacyverordening

19 januari 2017

Veel is er al geschreven over de grote lijnen van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Minder bekend is dat deze voor een Europese verordening relatief veel keuzes voor de lidstaten bevat.

Nederland staat nu aan de vooravond van het maken van deze keuzes. In dit eerste blog over dit onderwerp een tweetal van die keuzes en hoe die naar verwachting ingevuld gaan worden. Op dit ogenblik loopt een internetconsultatie (https://www.internetconsultatie.nl/uitvoeringswetavg) over het (beoogde) wetsvoorstel dat aan het parlement voorgelegd zal worden.

Iedere geïnteresseerde kan dit beoogde wetsvoorstel van commentaar voorzien. En dat geeft een aardig inkijkje in hoe het wetsvoorstel er uit zal gaan zien, al kan er uiteraard nog wat wijzigen naar aanleiding van de reacties op de internetconsultatie vanuit de samenleving en de daaropvolgende adviesprocedure bij de Raad van State.

Zeer strikt

Voor de praktijk is het bijvoorbeeld interessant hoe Nederland om wil gaan met bijzondere persoonsnummers , zoals het burgerservicenummer (BSN), het vreemdelingennummer en het strafrechtketennummer (SKN). De huidige Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) die komt te vervallen als de Uitvoeringswet AVG van kracht wordt, heeft een veel strikter model dan een buurland als België. In de Nederlandse situatie is de wettelijke regeling van bijzondere persoonsnummers in de jurisprudentie daarbovenop zeer strikt geïnterpreteerd, strikter dan de wetgeving oorspronkelijk voor ogen had.

Het is namelijk verboden om dergelijke nummers te verwerken (of zelfs af te geven als burger) als daartoe geen wettelijke verplichting bestaat. In het wetsvoorstel wordt de ruimte die de AVG biedt om hiermee om te gaan, benut om dit strikte stelsel onverkort te handhaven. Voor diegenen die dergelijke bijzondere persoonsnummers vanuit het oogpunt van het voorkomen van identiteitsdiefstal hoe dan ook een slecht idee vinden, is dit goed nieuws. Voor wie hoopte op een wat flexibeler niveau, mogelijk een teleurstelling.

Verandering

Wat wetgevingstechnisch nogal een verandering is, is de keuze die gemaakt wordt met betrekking tot het recht om niet onderworpen te worden aan geautomatiseerde besluitvorming. In de huidige Wbp heeft men gekozen om dit alleen mogelijk te maken met specifieke wetgeving. Die er ook, veelal per sector, is gekomen. Met de beoogde Uitvoeringswet AVG wordt er een categorische uitzondering voor de publieke sector in het leven geroepen. De motivering daarvoor is dat dit in de huidige praktijk geen risico’s voor betrokkenen oplevert en goed gaat.

En dit verrast wat, juist door dossiers die in het verleden moeizaam bleken, zoals de afhandeling van toeslagen door de Belastingdienst. Juist voor een voorstel waarvan verwacht werd dat dit vooral oncontroversiële elementen zou bevatten, is dit een koerswijziging waar wellicht het laatste woord nog niet over is gezegd. Ook is het maar de vraag of hiermee wel recht wordt gedaan aan de AVG, die voor in het leven roepen van een dergelijke uitzondering, ook aanvullende waarborgen vergt. Die zijn niet terug te vinden in dit beoogde wetsvoorstel.

Reactie toevoegen